• levering binnen 1-2 werkdagen
  • veilig betalen

Een leeskamer in het Grote Huis

De auteur is historicus en filosoof en docent geschiedenis, cuma en filosofie aan de Driestar Hogeschool te Gouda. Eerder verschenen (2013): Het Grote Huis. Christelijke geloofstraditie in een (post)moderne wereld en (2014) Een venster op de hemel. Christelijk leraarschap in de vakken van het basis-, voortgezet- en hoger onderwijs. De christelijke geloofstraditie is een eeuwenoud Huis waarbinnen de schat van het geloof wordt bewaard. Om in dit Huis te wonen en om ons te verbinden met de traditie der eeuwen is het van belang kennis te nemen van de bronnen die ons zijn nagelaten. De christelijke traditie is immers een traditie van het Woord en van schrijven en lezen. ‘Hoe kun je nu in dat Huis gaan wonen en welke teksten uit de schat der eeuwen zijn dan geschikt om te lezen? (7). In hfd 1 treffen we een beschouwend deel aan, waarin de lezer uitgenodigd wordt om te vertoeven in de leeskamer van het Grote Huis (Deel 1). Dan worden de lezers meegenomen naar de bronnen van de kerk der eeuwen; we wandelen door 4 periodes heen: Deel II – de Vroege Kerk ; Deel III- de Middeleeuwse kerk ; Deel IV – de kerk van de Reformatie en de Nadere Reformatie; Deel V – de kerk in de moderne en postmoderne tijd; Bij elke periode is er een korte schets van het karakter van die tijd en bij elke brontekst is een korte inleiding gegeven op de auteur en zijn tekst. Dan volgt het bronfragment; bij elk fragment worden enkele vragen opgenomen, zodat je individueel of in een (lees)kring de tekst kan overdenken.
Deel 1. De vreugde van het lezen; de leesgeschiedenis van de kerk; Lezen in een (post)moderne tijd. Drie ontwikkelingen die bepalende geweest zijn voor de huidige tijsgeest, waarvan ontlezing een belangrijk kenmerk is: de moderniteit;opkomst van de beeldcultuur; de digitale revolutie. ‘Laten we een tegencultuur gaan vormen waarin de innerlijke wereld gestalte krijgt’(34). Deel II (1-500) De Vroege Kerk: Polycarpus. Hermas, Diognetus, Justinus de Martelaar, Cyprianus van C., Aurelius Augustinus. Deel III (500-1500) De Middeleeuwse kerk: Benedictue, Anselmus, Bernardus van Cl., Bonaventura, Tauler en Thomas á Kempis. Deel IV (16e -18e eeuw ) De kerk van de Reformatie en de Nadere Reformatie: Luther, Zwingli, Melanchthon, Calvijn, Voetius en á Brakel. Deel V ((17e eeuw tot heden) De kerk in de (post)moderne tijd: Pascal, Edwards, Schacht,Kierkegaard, Groen van Prinsterer, Isaäc van Dijk ( een orthodox ethische theoloog. Met leestekst : Wat is gereformeerd) en Lewis. Wat een knappe serie teksten, goed doordacht, in de tijd geplaatst, met bij elk deel een korte conclusie . Citaat uit slotconclusie: ‘Hopelijk geeft het verblijf in de leeskamer van het Grote Huis dat we meer en meer aan de verdeeldheid van de kerk gaan lijden en in de katholiciteit van de kerk gaan geloven’(234). Geschikt om in een leeskring te bespreken, in dit geval was dat een leeskring met Driestar- studenten. Een goed leesbaar en leerzaam boek , wat boven het gemiddelde uitsteekt. Met dank aan de auteur. Van harte aanbevolen.

Een leeskamer in het Grot...

dr. E. Mackay
vanaf 949